zaterdag 11 november 2017

Wie polariseert er eigenlijk de Kristallnachtherdenking?

 Oud-premier Dries van Agt tijdens de Kristallknachtherdenking 2017 in Perdu (foto Anja Meulenbelt)

 Zoals de laatste jaren het geval is, waren er donderdagavond 9 november opnieuw tenminste twee herdenkingen van de Kristallnacht in Amsterdam. Dit begon  in 2011 en het is tijd om ons er nog eens rekenschap van te geven waarom die splitsing in 2010 door ''de Joodse gemeenschap'' werd geforceerd. Dat gebeurde met een (mislukte) poging om de al sinds 1992 bestaande, herdenking de nek om te draaien omdat hij  ''te gepolitiseerd'' zou zijn. De reden was dat de Internationale Socialisten, één van de organisaties die de herdenking ondersteunden, op hun site, naast een oproep om aan de herdenking deel te nemen, een oproep had staan om Israel te boycotten (BDS toe te passen)..
Het was natuurlijk een belachelijke reden. De organisatoren van de herdenking waren zelf niet van de Internationale Socialisten en hadden geen enkele mogelijkheid om die onder druk te zetten (als zij dat al had gewild).  Maar voor het joodse lobby, het CIDI, en het CJO (Centraal Joods Overleg) was het ineens genoeg. Dit was en ultra linkse, anti-Israeliche herdenking. Sindsdien wordt de herdenking jaar in jaar uit met vuil overladen en schrijft een heel scala aan publicaties van het NIW, Elsevier, Het Parool tot en met de overdadige serie rechtse scheldsites die ons land rijk is, dat de herdenking helemaal niet over de Kristallnacht gaat,  anti-Israelisch, antisemitisch, en ultra links en Hamas vriendelijk is. You name it. Zo'n beetje alles wat rechtse haatscribenten en een enkele columniste als de enge Elma Drayer van de Volkskrant  uit hun dikke duim tevoorschijn konden sabbelen.
 Helmert Woudenberg tijdens de eenakter ''Waterman''. (Foto Anja Meulenbelt)
Ondertussen ging de oorspronkelijke herdenking gewoon door. Dit jaar was het in het Theater Perdu. Er waren indrukwekkende redes van Max van den Berg en Dries van Agt over de betekenis van de Kristallnacht toen en nu (de teksten zullen binnenkort te lezen zijn op de site van het Comité). En verder bracht de acteur Helmert Woudenberg de even beklemmende als ontroerende eenakter Waterman, over de Joodse Hatti (Hartog) Waterman van het Waterlooplein, wiens hele familie van vader, moeder en 13 broers en zusjes op transport ging en vergast werd, maar die zelf ontkwam omdat zijn naam op de lijst ontbrak, en die verder ook op onbegrijpelijke, van toevalligheden aan elkaar hangende manieren in WO II de dans ontsprong.
In de Portugese snoge werd diezelfde dag, tweeëneenhalf uur eerder,  de andere herdenking, de Joodse herdenking die in 2011 van start ging, gehouden. Die is veel deftiger, saaier en officiëler van karakter. Er wordt een krans gelegd en hij heet tegenwoordig zelfs al de ''nationale herdenking''. Kamervoorzitter Khadisja Arib hield er een rede, evenals Ron van der Wieken, de voorzitter van het Centraal Joods Overleg (CJO). Het is vooral dankzij deze laatste rede, die van Van der Wieken, dat zich de vraag opdringt  wat de Joodse goegemeente destijds eigenlijk bedoeld kan hebben met de kreet dat de eerste herdenking  ''te gepolitiseerd'' was. Van der Wieken greep namelijk de herdenking aan om er een onvervalste pro-Israel en pro-zionistische happening van te maken, waarbij hij tegelijkertijd een offensief begon (ook uitgebreid uitgemeten in Het Parool) om anti-zionisme en wezenlijke kritiek op Israel tot antisemitisme te bombarderen.
 Van der Wieken in de Portugese snoge.

Israel, zei Van der Wieken in zijn speech, was het toevluchtsoord van Joden als het antisemitisme ooit weer zou toeslaan. Daarom zouden alle Joden volgens hem, ''min of meer zionist zijn''. En dat ze nu niet langer onbeschermd zouden zijn (hij gebruikte het Duitse woord Freiwild) is volgens hem de haters van het Joodse volk een doorn in het oog. De haat van die haters zou zich nu richten op het ''zelfbeschikkingsrecht van het Joodse volk, het zionisme''. En zei hij: ''Als we antisemitisme basaal definiëren als het streven om het Joodse volk en Joden op grond van hun Jood-zijn kwaad te doen, dan vallen acties om de zelfstandige Joodse staat te doen verdwijnen daar dus onder.''
Wat hij zei is opmerkelijk en kwam, kortweg, hierop neer: 1) alle Joden zijn zionist (min of meer), 2) antisemieten zijn anti-Joods en dus ook anti-zionist, 3) anti-zionisten willen dat Israel verdwijnt als zelfstandige Joodse staat. Het was een volstrekt zionistische redenering, in de zin dat hij een onware stelling (alle Joden zijn zionist en alle anti zionisten willen Israel vernietigen) als uitgangspunt nam, om er vervolgens op grond van die redenering de conclusie aan te verbinden dat anti-zionisme gelijk staat aan antisemitisme.
Dat was de oude en onjuiste stelling dat anti-zionisten antisemieten zijn, die al zo vaak is weersproken dat ik het niet nog eens hier over ga doen. Hij werd door van der Wieken opgediend in een nieuwe verschijningsvorm, namelijk geladen met de uit de lucht gegrepen verondwrstrelling dat de anti-zionisten Israel niet bekritiseren, maar zouden willen vernietigen. Van der Wieken was daar echter nog niet tevreden mee. Hij greep de gelegenheid aan om ook meteen reclame te maken voor het aanvaarden van een nieuwe definitie van antisemitisme. Namelijk die van de International Holocaust Remembrance Alliance (IHRA), die wordt gepropageerde door de EU en door Groot-Brittannië en Duitsland is overgenomen. De vorige Nederlandse regering heeft deze definitie niet aanvaard omdat zij de vrijheid van meningsuiting zou beperken. En daar zou de regering wel eens gelijk in kunnen hebben, zoals blijk uit onder meer de volgende, bij de volledige tekst gevoegde voorbeelden van wat antisemitisme is :

 Denying the Jewish people their right to self-determination, e.g., by claiming that the existence of a State of Israel is a racist endeavor. 
Applying double standards by requiring of it a behavior not expected or demanded of any other democratic nation.
 Drawing comparisons of contemporary Israeli policy to that of  the Nazis.
Mensen (anti-zionisten) die bijvoorbeeld verklaren dat Joden wel recht hebben op een staat, maar dat die staat helaas racistisch is, zouden er bijvoorbeeld  onder kunnen vallen, zo bleek uit een discussie, eerder vorige week, van een vertegenwoordiger van de EU, die aanname van de definitie propageert, met leden van de Joodse gemeenschap. Hetzelfde geldt voor scherpe rapporten over Israel van bijvoorbeeld de VN, waarvan gezegd zou kunnen worden dat de kritiek scherper is dan op andere landen. Dan is er ook het verhaal van de Joodse, anti-zionistische Moshe Machover die onlangs met een beroep op deze definitie wegens antisemitisme geschorst werd uit de Britse Labourpartij, omdat hij een artikel aanhaalde van de nazi Reinhard Heydrich uit 1936 waarin deze het zionisme prees als een beweging die alle Joden uit Europa wilde verwijderen. (Machover is overigens na protesten weer tot de partij toegelaten). En tenslotte is er het verhaal van Van der Wieken zelf, die in 2015 het Palestijnse lid van het Israelische parlement Haneen Zoabi, een anti-zioniste die een pleidooi hield voor een gelijkwaardige situatie voor Joden en Palestijnen in Israel, verweet antisemitisch te zijn. Ze had namelijk op de Kristallnachtherdenking in Amsterdam (de originele uiteraard), een vergelijking gemaakt tussen de anti-Palestijnse stemming in Israel waarbij synagogen, kerken en ook mensen in vlammen opgingen, met de anti-Joodse stemming van Duitsland in de jaren '30.
Van der Wieken noemde dat allemaal geen inperking van de vrijheid van meningsuiting. Hij voegde er ook aan toe dat kritiek op Israel moet kunnen, maar vulde dat, gewoontegetrouw totaal niet in. Zodat we er aan den hand van de voorbeelden hierboven vanuit mogen gaan, dat die orpmerking, ''kritiek moet kunnen'', totale flauwe kul is, en dat anti-zionisme, in de vorm van diepgaande kritiek op de nederzettingen, de bezetting en de situatie van de Palestijnen, botweg zal worden weggezet als antisemitisme, als de regering Rutte III ingaat op zijn ''klemmende beroep'' de resolutie alsnog aan te nemen.
Als dat geen politiseren is, wat dan wel? De vraag mag dan ook welke Kristallnachtherdenking de voorkeur geniet: de gepolitiseerde pro Israel herdenking, of de herdenking van en voor iedereen? Een bijeenkomst waar de gebeurtenis wordt herdacht als iets dat het bestaan van Israel rechtvaardigt, en ongeveer alles witwast wat daar gebeurt voor diegene die daar achter staan? Of een herdenking van de nazi pogrom van destijds en de waarschuwende werking die ervan uitgaat voor alle hedendaagse vormen van racisme, waarbij iedereen welkom is ongeacht afkomst of kleur?
Enfin, u kunt kiezen.

Geen opmerkingen: